Het hoofddoel van het onderzoek is
- het opstellen van een bruikbaar model waarmee de toplocaties voor kleinschalige windturbines in de stedelijke en landelijke omgeving bepaald kunnen worden en per type windturbine een reële inschatting kunnen maken van de te verwachtte opbrengst op basis van een correlatie met het historisch windpatroon.
De subonderzoeksdoelen zijn:
- het bepalen van de relatie tussen de hoogte en de windsnelheid (windgradiënt) voor zowel de stedelijke als de landelijke omgeving;
- het bepalen van de relatie tussen de windrichting en de hoogte voor zowel de stedelijke als de landelijke omgeving;
- het in beeld brengen van de variatie tussen windsnelheid en het tijdstip van de dag (invloed thermiek op windgradiënt);
- het bepalen van windpatronen (kanalisatie, opstuwing, tochtgangen etc.);
- het leggen van een correlatie tussen de testlocaties en de omliggende, permanente windmeetstations;
- het bepalen van de rendementscoëfficiënt (Cp-waarde) voor de verschillende typen windturbines (HAWT, VAWT drag en VAWT lift) in praktijksituaties;
- het bepalen van een realistische maximimale windsnelheid voor zowel de stedelijke omgeving als de landelijjke omgeving als ontwerpnorm voor de constructieve dimensionering.

Onderzoek